Rapporteringsverplichtingen
Jaarlijkse rapportering
Opvolgingsverslag
In het Energiebesluit verplicht de Vlaamse regering de netbeheerders om jaarlijks verslag uit te brengen bij de VREG over hoe ze aan de voorwaarden voldoen.
Kwaliteit dienstverlening
Netbeheerders moeten jaarlijks een verslag bezorgen aan de VREG waarin ze de kwaliteit van hun dienstverlening beschrijven. De VREG heeft hiervoor een rapporteringsmodel opgesteld:
BESL-2003-8 (Word)
BESL-2004-33 (PDF)
Investeringsplan distributie elektriciteit
Elektriciteitsdistributienetbeheerders en de vervoerder van het plaatselijk vervoernet zijn verplicht om jaarlijks vóór 1 juli een investeringsplan te presenteren aan de VREG. Het plan beslaat een periode van 3 jaren en bevat onder andere:
- een gedetailleerde raming van de behoeften aan distributiecapaciteit, inclusief onderliggende hypothesen;
- een investeringsprogramma om deze behoeften te dekken;
- een overzicht van de geweigerde aansluitingsaanvragen.
De VREG heeft voor de elektriciteitsdistributienetbeheerders een rapporteringsmodel opgesteld.
Investeringsplan distributie aardgas
Aardgasdistributienetbeheerders moeten elk jaar vóór 1 juli een investeringsplan voorleggen aan de VREG ter goedkeuring. Het plan beslaat een periode van 3 jaren en bevat onder andere:
- een gedetailleerde raming van de behoeften aan distributiecapaciteit, inclusief onderliggende hypothesen;
- een investeringsprogramma om deze behoeften te dekken;
- een gedetailleerd plan van de bestaande gasleidingen in het aardgasdistributienet (per straat, eventueel incl. huisnummers);
- een berekening van de aansluitbaarheidsgraad op 1 januari van het beschouwde jaar en van het volgende jaar.
De VREG heeft hiervoor een rapporteringsmodel opgesteld.
Gegevens huishoudelijke afnemers
In het kader van de sociale energiemaatregelen moeten de netbeheerders op basis van artikel 5.7.1 van het Energiebesluit jaarlijks bepaalde gegevens over de afnemers bezorgen aan de VREG. Deze gegevens zijn opgesplitst per gemeente en er wordt een onderscheid gemaakt tussen beschermde en niet-beschermde afnemers.
De rapportering gebeurt via de beveiligde toepassing op het extranet van de VREG.
Geleverde elektriciteit
Het Energiedecreet bepaalt dat toegangshouders jaarlijks vóór 31 maart een aantal groenestroom- en warmtekrachtcertificaten moeten inleveren.
Om dit aantal per partij te berekenen heeft de VREG volgende gegevens nodig van de netbeheerders:
- de hoeveelheid geleverde elektriciteit per leverancier van 01/01 tot 31/12;
- de jaarlijkse leveringscijfers op de afnamepunten met een verbruik groter dan 20.000 MWh/jaar.
Om de verzameling en verwerking te structureren, heeft de VREG een modelformulier opgesteld.
Geleverd aardgas
De aardgasnetbeheerders moeten rapporteren hoeveel de leveranciers op hun net geleverd hebben tijdens het voorgaande jaar. Om de verzameling en verwerking te structureren, heeft de VREG een modelformulier opgesteld.
Cijfers aansprakelijkheidsregeling
Sinds 2007 geldt een nieuwe aansprakelijkheidsregeling voor netbeheerders. Om deze regeling te evalueren, zijn de netbeheerders verplicht om elk jaar bij de VREG hun cijfers bekend te maken over de aansprakelijkheid voor stroomstoringen en -onderbrekingen. Uiterste datum daarvoor is 30 september. Het modelformuliervan de VREG toont over welke cijfers het gaat.
Gegevens in het kader van de solidarisering
Artikel 7.1.6. §2 van het Energiedecreet verplicht de netbeheerders tot een onderlinge verrekening van de gemaakte kosten van de verplichting tot opkopen van certificaten. De VREG heeft hierover een mededeling opgesteld die de principes en procedures nader vastlegt.
Maandelijkse rapportering
Productie groene stroom
De VREG verwittigt de netbeheerder wanneer een aanvraag voor groenestroom- of warmtekrachtcertificaten werd goedgekeurd voor een installatie op zijn net. Dan moet de netbeheerder maandelijks, vóór de tiende werkdag van de maand, schriftelijk rapporteren aan de VREG over de hoeveelheid geproduceerde elektriciteit en/of het verbruikte aardgas.
Groenrapportering: verbruik groene stroom
Leveranciers moeten een aantal garanties van oorsprong voorleggen als bewijs van de herkomst van de geleverde stroom. Daarom bezorgen ze de VREG ten laatste op de derde werkdag van de maand een lijst van toegangspunten die ze voorzien van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen of warmtekrachtkoppeling. Ze vermelden telkens ook het percentage groene stroom t.o.v. het totale verbruik. De VREG stuurt op basis van deze gegevens op de vierde werkdag van de maand naar iedere netbeheerder een lijst met al deze toegangspunten op zijn netgebied die worden voorzien van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen of warmtekrachtkoppeling. De netbeheerders vullen deze lijst maandelijks aan met de hoeveelheid geleverde elektriciteit per toegangspunt. Ze berekenen eveneens per leverancier en per gebied hoeveel elektriciteit afkomstig is van hernieuwbare energiebronnen en hoeveel van kwalitatieve warmtekrachtkoppeling. De VREG krijgt deze resultaten ten laatste op de twaalfde werkdag van de maand en bepaalt zo het aantal garanties van oorsprong dat iedere leverancier maandelijks moet voorleggen. De specifieke procedure staat beschreven in Bijlage 1bij BESL-2011-7 die vanaf 1 september 2011 van toepassing wordt en vanaf 1 november 2011 de procedure uit BESL-2006-5 vervangt.
Aantal afnemers per leverancier
De VREG vraagt elke netbeheerder om te rapporteren hoeveel afnemers van hun net elke leverancier afzonderlijk voorziet van energie. Op basis van deze gegevens stelt de VREG maandelijks een aantal statistieken samen die:
- de transparantie verhogen;
- de interne werking ondersteunen;
- Europese rapportering mogelijk maken.
De rapportering verloopt via het extranet van de VREG. Meer informatie over het aanleveren van ‘csv’ of ‘xml’ vindt u in de handleiding netbeheerders.
Allocatiegegevens
Distributienetbeheerders moeten de leveranciers de allocatiegegevens bezorgen van de toegangspunten op hun net die de leveranciers beleveren. De VREG stelde daarvoor een rapporteringsmodel op in Excel.
Bij elektriciteitsdistributienetbeheerders gebeurt de rapportering:
- op basis van kwartieren;
- vóór de twaalfde werkdag van de maand;
- in geaggregeerde vorm aan de evenwichtsverantwoordelijken en de transmissienetbeheerder.
Bij aardgasdistributienetbeheerders gebeurt de rapportering:
- op basis van uren;
- vóór de twintigste werkdag van de maand;
- in geaggregeerde vorm per geaggregeerd ontvangststation aan de vervoernetgebruikers en aan de vervoeronderneming.
Ad-hocrapportering
De netbeheerders zijn verplicht de VREG onmiddellijk in te lichten over:
- elke statutenwijziging, inclusief de notulen van de vergadering van het orgaan dat hierover beslist heeft;
- elke wijziging van het aandeelhouderschap;
- elke wijziging in de samenstelling van het bestuursorgaan;
- elke andere belangrijke wijziging die gevolgen kan hebben op één van de openbaredienstverplichtingen.
