U bent hier: Homepage > Aanvraag > Isolatievoorwaarde
Zonnepanelen die na 1 januari 2010 in dienst worden genomen én die geplaatst worden op woningen of woongebouwen, krijgen enkel groenestroomcertificaten die verkocht kunnen worden aan de netbeheerder tegen de minimumsteun van 350 euro als het dak waarop ze geïnstalleerd worden, voldoende werd geïsoleerd.
Eerst voorkomen, dan besparen en pas als laatste zelf opwekken van uw energieverbruik.
De isolatievoorwaarde benadrukt de logische volgorde die personen die bewust met hun energieverbruik omgaan best aanhouden. De groenste en de goedkoopste elektriciteit blijft altijd de elektriciteit die niet wordt verbruikt.
Om zoveel mogelijk CO2 te besparen is de eerste stap onnodig energieverbruik vermijden. Lampen uitschakelen als u de kamer verlaat, het TV-toestel of de computer volledig uitschakelen in plaats van deze in stand-by (rood lichtje blijft branden) te laten staan, enzovoort ….
Energieverbruik dat niet kan vermeden worden (bijvoorbeeld het verbruik van huishoudtoestellen, het verwarmen van woningen, …) moet vervolgens zo efficiënt mogelijk gebeuren. Dit betekent met zo weinig mogelijk brandstofverbruik, zodat zo min mogelijk (meestal fossiele) brandstoffen nodig zijn om aan uw energieverbruik te voldoen. Niet alleen het milieu wordt hier beter van, ook uw portemonnee. Efficiënt energieverbruik zorgt voor een lagere energiefactuur op het einde van het jaar.
Een energielabel geeft aan hoe efficiënt of energiezuinig uw huishoudtoestellen zijn. Een koelkast met een A++-label verbruikt veel minder energie om voeding op dezelfde temperatuur te bewaren.
Ook isoleren om de opgewekte warmte langer in de woning te houden, is hiervan een perfect voorbeeld. Dakisolatie is bovendien een zeer rendabele investering. Via een ongeïsoleerd dak ontsnapt gigantisch veel energie, energie die u betaalt via uw energiefactuur. Dankzij de premies van uw netbeheerder, het belastingvoordeel en de dakisolatiepremie van de Vlaamse overheid hebt u de investering bovendien snel terugverdiend.
Tenslotte kunt u het elektriciteitsverbruik dat overblijft zelf gaan opwekken uit hernieuwbare energiebronnen. Zonnepanelen plaatsen komt dus pas aan de orde nadat u minstens het dak van uw woning heeft geïsoleerd.
1) Enkel voor zonnepanelen geplaatst op woningen of woongebouwen
De isolatievoorwaarde is enkel van toepassing voor zonnepanelen die geplaatst worden op “woningen of woongebouwen, waarvan het dak of de zoldervloer binnen het beschermd volume van het gebouw volledig geïsoleerd is” (artikel 5 laatste lid van het Besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 inzake de bevordering van elektriciteitsopwekking uit hernieuwbare energiebronnen).
De VREG beschouwt een gebouw als een woning of woongebouw als het verwarmd wordt omdat mensen er willen wonen.
Het “beschermd volume” is het volume van alle kamers en ruimten van het gebouw dat men thermisch wil beschermen tegen warmteverliezen naar de buitenomgeving, naar de grond en naar de naburige ruimten die niet tot een beschermd volume behoren. Eenvoudiger gezegd is het beschermd volume dat deel van een gebouw dat is “ingepakt” met isolatie.
Een aangebouwde garage kan al dan niet tot het beschermd volume behoren. Of de garage tot het beschermd volume behoort, bepaalt of de isolatievoorwaarde van toepassing is wanneer men zonnepanelen op het dak van deze garage plaatst.
2) Enkel voor zonnepanelen die na 1 januari 2010 in dienst worden genomen
De datum van indienstname kan ten vroegste de datum zijn waarop een erkende keuringsinstantie vaststelt dat de betrokken PV-installatie volledig voldoet aan de eisen van het Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties (AREI). Dit wordt geattesteerd in het AREI-keuringsverslag.
Werden uw panelen geïnstalleerd in 2009, maar zijn uw omvormer(s) nog niet geplaatst en gaat u dat doen en laten keuren voor 1 maart 2010, dan kunt u gebruik maken van de overgangsmaatregel. U geniet dan nog van €450 per groenestroomcertificaat en moet niet aan de isolatievoorwaarde voldoen.
Meer informatie over de datum van indienstname en de overgangsmaatregel vindt u in punt 2.1 van de volgende mededeling.
De wetgeving stelt dat de totale isolatie van het dak en de zoldervloer een warmteweerstand Rd van ten minste 3 m²K/W moet hebben om nog in aanmerking te komen voor € 350 minimumsteun.
Wat betekent dat?
De warmteweerstand geeft aan hoe goed het materiaal de warmte tegenhoudt. Hoe groter de R-waarde, hoe beter de isolatie dus. De warmteweerstand wordt aangeduid door de R-waarde, uitgedrukt in m²K/W en wordt bepaald door de dikte van de isolatie (in meter) te delen door de lambdawaarde van het gebruikte isolatiemateriaal (in W/mK). Voor sommige materialen wordt door de fabrikant meteen de R-waarde aangegeven in plaats van een lambda-waarde en de dikte. Meer informatie over de warmteweerstand vindt u in de toelichting van het Vlaams EnergieAgentschap (VEA).
U kunt hier ook nagaan of uw isolatie aan de vereiste Rd-waarde voldoet via het overzicht van de warmteweerstand van verschillende isolatiematerialen en de benodigde dikte.
Als dak en zoldervloer allebei werden geïsoleerd en boven elkaar liggen in eenzelfde ruimte, dan mogen de Rd-waarden van de beide isolaties opgeteld worden. Wanneer twee verschillende soorten isolatiematerialen of – diktes boven elkaar zijn geplaatst is de totale warmteweerstand de som van de afzonderlijke Rd-waarden van de gebruikte isolatiematerialen. Als het volledige dak of het plafond geïsoleerd is, maar de dikte of het materiaal varieert, dan mag als Rd-waarde een gewogen gemiddelde waarde genomen worden.
U mag ook de rechtopstaande wanden van kamers die onder het dak liggen isoleren. Het is echter zinloos uw dak slechts gedeeltelijk te isoleren. Let er dus goed op dat de volledige breedte van het dak, van muur tot muur, voldoende wordt geïsoleerd. Het heeft geen zin enkel afgewerkte kamers te isoleren als alle warmte daarnaast kan ontsnappen. Isoleer daarom ook de zoldervloer of het schuine dak naast de afgewerkte kamers.
Het is aan u als eigenaar van de zonnepanelen om na te gaan of uw dak of zoldervloer voldoende geïsoleerd is. Er bestaan geen toestellen om te meten of en in welke mate uw dak of zoldervloer geïsoleerd zijn. De enige manier om dit na te gaan, is uit te zoeken welk isolatiemateriaal er werd geplaatst en met welke dikte.
Als u een huis heeft gekocht en u hebt geen idee of en hoeveel isolatie er aanwezig is, dan moet u desnoods een stukje zolderbekleding verwijderen om dit te bekijken en de dikte te meten. Meer informatie over visueel onderzoek van uw isolatie vindt u in volgende toelichting.
Zonnepanelen zijn een aanzienlijke investering die idealiter pas gebeurt nadat alle mogelijkheden tot energiebesparing zijn uitgeput. Dakisolatie is een veel kleinere investering die uw energiefactuur in de komende jaren bovendien aanzienlijk zal verminderen. Vandaar dat u eerst zicht moet zien te krijgen op de isolatie van uw dak, voordat u in aanmerking komt voor de minimumsteun voor zonnepanelen.
Als eigenaar van zonnepanelen moet u in het aanvraagformulier voor groenestroomcertificaten op eer verklaren dat uw dak of zoldervloer geïsoleerd is. De VREG kan altijd zelf ter plaatse komen controleren of inderdaad aan de isolatievoorwaarde werd voldaan. De VREG kan ook aan de distributienetbeheerder vragen een controle ter plaatse uit te voeren.
Bij zo’n controle is het aan de eigenaar om de controleur ervan te overtuigen dat er wel degelijk voldoende isolatie aanwezig is. Hiervoor kunnen de volgende gegevens gebruikt worden:
1. Als uw huis gebouwd werd nadat de EPB-wetgeving van kracht werd (grosso mode alles gebouwd na 12/2005) en EPB-conform is, dan is de isolatie in overeenstemming met de Rd-eis minimum 3. Een attest van EPB is dan voldoende als bewijs.
2. Woningen waar voor het isoleren van het dak een premie door de netbeheerder (sinds 2003) of een premie via de Vlaamse dakisolatiepremie (sinds 1 januari 2009) werd toegekend voldoen eveneens aan de isolatievoorwaarde. De eis voor het toekennen van deze premies was immers steeds Rd minimum 3. Een bewijs van het ontvangen van deze premie is voldoende.
3. Een derde groep zijn zij die de productgegevens van de gebruikte isolatie (facturen en/of technische gegevens) kennen en hebben bijgehouden. In dat geval kent u de lambda-waarde en de dikte van de isolatie (desnoods nameten) en kan u de Rd berekenen. Op die manier kunt u bewijzen dat er voldoende isolatie aanwezig is.
4. Een laatste groep zijn die daken waar er niets gekend is en een visuele inspectie dus enkel het soort materiaal en de dikte oplevert. In dat geval moet u uitzoeken welk materiaal u gevonden heeft en welke dikte van dit materiaal minimaal vereist is. Meer informatie over hoe verschillende isolatiematerialen herkend kunnen worden, en de minimaal vereiste dikte van verschillende isolatiematerialen, vindt u in de toelichting van VEA.
Waar mogelijk zal visueel geverifieerd worden of de bewijsstukken overeenstemmen met de werkelijkheid. Als dit niet het geval is, vervallen de bewijsstukken. Wanneer er tegenspraak is tussen twee bewijsstukken gelden de gegevens van het meest recente bewijsstuk.
Ook foto’s waarop het dak of de zoldervloer en de woning duidelijk herkenbaar zijn, mogen gebruikt worden om de aanwezigheid van het isolatiemateriaal en de dikte ervan te bewijzen, indien mogelijk
Als niet kan aangetoond worden dat er voldoende isolatie is, zal de controleur ervan uitgaan dat er geen isolatie werd geplaatst.
Als uit een controle door de VREG of uw distributienetbeheerder blijkt dat geen of onvoldoende isolatie aanwezig is, schorst de netbeheerder de uitbetaling van de minimumsteun voor de groenestroomcertificaten. De VREG zal dan ook geen bijkomende groenestroomcertificaten meer toekennen aan deze installatie. Daarnaast trekt de VREG alle nog niet verhandelde groenestroomcertificaten die aan de betrokken PV-installatie werden toegekend, in.
Bovendien heeft de eigenaar van de PV-installatie bij zijn aanvraag van groenestroomcertificaten valsheid in geschrifte gepleegd. De VREG zal bijgevolg niet aarzelen om de bevoegde politiediensten of het parket hierover in te lichten, waarna een strafsanctie kan worden opgelegd door de bevoegde strafrechtbank op grond van een overtreding van artikel 36 van het Elektriciteitsdecreet.
U wilt groenestroomcertificaten aanvragen voor zonnepanelen met maximaal AC-vermogen van de omvormers <= 10kW? Klik hiervoor op de onderstaande button.
Uw gegevens in de certificatendatabank aanpassen? Klik hiervoor op de onderstaande button.
U heeft een kleine PV-installatie en u wilt het certificatenteam van de VREG contacteren? Klik hiervoor op de onderstaande button.