Tariefmethodologie (= onze aanpak)

De distributienetbeheerders werken binnen hun netgebied zonder concurrentie. Een netbeheerder is dus een monopolist. Dat houdt in dat de kwaliteit van de dienstverlening en de hoogte van de tarieven gereguleerd moeten worden in het belang van de klant. De distributienetbeheerders, noch de gemeenten die hun aandeelhouders zijn, kunnen dus zelf bepalen hoeveel geld ze ophalen via het distributienettarief. Op deze pagina verduidelijken we hoe we deze tarieven goedkeuren.

We hanteren daarbij geen regulering die de winst op voorhand garandeert en de aandeelhouder een rendement verzekert. Wel leggen we een globaal plafond op op de inkomsten van de distributienetbeheerders. Een deel van dit inkomensplafond wordt bepaald door de vergoeding voor de waarde van de energienetten. Dit gaat om de vergoeding voor de waarde die de aandeelhouders ingebracht hebben en die omgezet is in investeringen in de netten. De tarieven 2017 bevatten een aanzienlijk lagere vergoeding voor de waarde van de netten dan in 2015 en 2016, o.a. omwille van de huidige financiële context van lagere rentevoeten.

Onze tariefmethodologie wil de distributienetbeheerder aanzetten om zo efficiënt mogelijk te werken. Het is in zijn eigen belang, want daardoor kan hij op korte termijn meer winst uitkeren aan de aandeelhouders en zal zijn toegelaten inkomen in de toekomst gunstiger evolueren t.o.v. dat van andere distributienetbeheerders (we benchmarken de efficiëntie). Het voordeel voor de maatschappij is dat de netgebonden tarieven in de toekomst zullen kunnen dalen.

De periodieke distributienettarieven zijn een vergoeding voor twee soorten kosten van de netbeheerders:

  • Exogene kosten: kosten waar het niet mogelijk is om de netbeheerder te vragen om deze kosten te gaan beheersen. Deze kosten worden daarom als “exogeen” of niet- beïnvloedbaar beschouwd. Het gaat o.a. over het uitreiken van premies voor investeringen gericht op energiebesparing, het opkopen van groenestroom- en warmtekrachtcertificaten, het beheer van openbare verlichting,
  • De endogene (niet-exogene) kosten: de “echte” kosten van het distributienet: de kosten ontstaan door beslissingen van de netbeheerder, zoals over investeringen, werkingsmiddelen en financiering.

Onze aanpak houdt in dat we als regulator geen beslissingen nemen over specifieke kostenposten, zoals de verloning van het personeel, of over de dividendenpolitiek van de distributienetbeheerders. Het is aan de bedrijven zelf om hiervoor verantwoordelijkheid te nemen binnen de algemene efficiëntieprikkel die in de tariefmethodologie ingebouwd zit.

Na de vaststelling van het toegelaten inkomen maken de distributienetbeheerders voorstellen aan ons over hoe ze het door ons opgelegde plafond willen vertalen in de tarieven. Als deze voorstellen conform het decreet en de methodologie zijn, aanvaarden we de voorstellen.

Vreg is de Vlaamse regulator van de elektriciteits- en gasmarkt
Heeft u een vraag? Mail of bel 1700